Overslaan en naar de inhoud gaan
Evalueren
Tick mark Image
Uitbreiden
Tick mark Image

Vergelijkbare problemen van Web Search

Delen

-\frac{2\left(4a+b\right)}{4}+\frac{2a+3b}{4}-3\left(\frac{a-b}{2}-\frac{3a-b}{3}\right)
Vouw expressies uit en maak de bijbehorende noemers gelijk om expressies op te tellen of af te trekken. Kleinste gemene veelvoud van 2 en 4 is 4. Vermenigvuldig -\frac{4a+b}{2} met \frac{2}{2}.
\frac{-2\left(4a+b\right)+2a+3b}{4}-3\left(\frac{a-b}{2}-\frac{3a-b}{3}\right)
Aangezien -\frac{2\left(4a+b\right)}{4} en \frac{2a+3b}{4} dezelfde noemer hebben, kunt u ze toevoegen door hun tellers toe te voegen.
\frac{-8a-2b+2a+3b}{4}-3\left(\frac{a-b}{2}-\frac{3a-b}{3}\right)
Voer de vermenigvuldigingen uit in -2\left(4a+b\right)+2a+3b.
\frac{-6a+b}{4}-3\left(\frac{a-b}{2}-\frac{3a-b}{3}\right)
Combineer gelijke termen in -8a-2b+2a+3b.
\frac{-6a+b}{4}-3\left(\frac{3\left(a-b\right)}{6}-\frac{2\left(3a-b\right)}{6}\right)
Vouw expressies uit en maak de bijbehorende noemers gelijk om expressies op te tellen of af te trekken. Kleinste gemene veelvoud van 2 en 3 is 6. Vermenigvuldig \frac{a-b}{2} met \frac{3}{3}. Vermenigvuldig \frac{3a-b}{3} met \frac{2}{2}.
\frac{-6a+b}{4}-3\times \frac{3\left(a-b\right)-2\left(3a-b\right)}{6}
Aangezien \frac{3\left(a-b\right)}{6} en \frac{2\left(3a-b\right)}{6} dezelfde noemer hebben, kunt u ze aftrekken door hun tellers af te trekken.
\frac{-6a+b}{4}-3\times \frac{3a-3b-6a+2b}{6}
Voer de vermenigvuldigingen uit in 3\left(a-b\right)-2\left(3a-b\right).
\frac{-6a+b}{4}-3\times \frac{-3a-b}{6}
Combineer gelijke termen in 3a-3b-6a+2b.
\frac{-6a+b}{4}-\frac{-3a-b}{2}
Streep de grootste gemene deler 6 in 3 en 6 tegen elkaar weg.
\frac{-6a+b}{4}-\frac{2\left(-3a-b\right)}{4}
Vouw expressies uit en maak de bijbehorende noemers gelijk om expressies op te tellen of af te trekken. Kleinste gemene veelvoud van 4 en 2 is 4. Vermenigvuldig \frac{-3a-b}{2} met \frac{2}{2}.
\frac{-6a+b-2\left(-3a-b\right)}{4}
Aangezien \frac{-6a+b}{4} en \frac{2\left(-3a-b\right)}{4} dezelfde noemer hebben, kunt u ze aftrekken door hun tellers af te trekken.
\frac{-6a+b+6a+2b}{4}
Voer de vermenigvuldigingen uit in -6a+b-2\left(-3a-b\right).
\frac{3b}{4}
Combineer gelijke termen in -6a+b+6a+2b.
-\frac{2\left(4a+b\right)}{4}+\frac{2a+3b}{4}-3\left(\frac{a-b}{2}-\frac{3a-b}{3}\right)
Vouw expressies uit en maak de bijbehorende noemers gelijk om expressies op te tellen of af te trekken. Kleinste gemene veelvoud van 2 en 4 is 4. Vermenigvuldig -\frac{4a+b}{2} met \frac{2}{2}.
\frac{-2\left(4a+b\right)+2a+3b}{4}-3\left(\frac{a-b}{2}-\frac{3a-b}{3}\right)
Aangezien -\frac{2\left(4a+b\right)}{4} en \frac{2a+3b}{4} dezelfde noemer hebben, kunt u ze toevoegen door hun tellers toe te voegen.
\frac{-8a-2b+2a+3b}{4}-3\left(\frac{a-b}{2}-\frac{3a-b}{3}\right)
Voer de vermenigvuldigingen uit in -2\left(4a+b\right)+2a+3b.
\frac{-6a+b}{4}-3\left(\frac{a-b}{2}-\frac{3a-b}{3}\right)
Combineer gelijke termen in -8a-2b+2a+3b.
\frac{-6a+b}{4}-3\left(\frac{3\left(a-b\right)}{6}-\frac{2\left(3a-b\right)}{6}\right)
Vouw expressies uit en maak de bijbehorende noemers gelijk om expressies op te tellen of af te trekken. Kleinste gemene veelvoud van 2 en 3 is 6. Vermenigvuldig \frac{a-b}{2} met \frac{3}{3}. Vermenigvuldig \frac{3a-b}{3} met \frac{2}{2}.
\frac{-6a+b}{4}-3\times \frac{3\left(a-b\right)-2\left(3a-b\right)}{6}
Aangezien \frac{3\left(a-b\right)}{6} en \frac{2\left(3a-b\right)}{6} dezelfde noemer hebben, kunt u ze aftrekken door hun tellers af te trekken.
\frac{-6a+b}{4}-3\times \frac{3a-3b-6a+2b}{6}
Voer de vermenigvuldigingen uit in 3\left(a-b\right)-2\left(3a-b\right).
\frac{-6a+b}{4}-3\times \frac{-3a-b}{6}
Combineer gelijke termen in 3a-3b-6a+2b.
\frac{-6a+b}{4}-\frac{-3a-b}{2}
Streep de grootste gemene deler 6 in 3 en 6 tegen elkaar weg.
\frac{-6a+b}{4}-\frac{2\left(-3a-b\right)}{4}
Vouw expressies uit en maak de bijbehorende noemers gelijk om expressies op te tellen of af te trekken. Kleinste gemene veelvoud van 4 en 2 is 4. Vermenigvuldig \frac{-3a-b}{2} met \frac{2}{2}.
\frac{-6a+b-2\left(-3a-b\right)}{4}
Aangezien \frac{-6a+b}{4} en \frac{2\left(-3a-b\right)}{4} dezelfde noemer hebben, kunt u ze aftrekken door hun tellers af te trekken.
\frac{-6a+b+6a+2b}{4}
Voer de vermenigvuldigingen uit in -6a+b-2\left(-3a-b\right).
\frac{3b}{4}
Combineer gelijke termen in -6a+b+6a+2b.